Manon heeft na een lange en onzeker ziekteperiode door post-Covid sinds een jaar een WIA-uitkering. Het proces om hier te komen was spannend en zeer onzeker:

“Met mijn ziektebeeld hoor je heel wisselende verhalen. Sommige mensen worden volledig afgekeurd en krijgen een uitkering. Maar tegen andere mensen met dezelfde klachten wordt gezegd dat ze gewoon kunnen werken. Zij krijgen dus niks. Ik heb echt twee jaar in spanning gezeten: ik wist dat ik echt niet kon werken. Ik kon niet eens voor mijn kinderen zorgen. Maar het is zo’n nieuw ziektebeeld: UWV weet ook niet goed wat ze ermee moeten doen. Als ik die uitkering niet had gekregen, had ik echt een groot financieel probleem gehad.”

Dat Manon een uitkering kreeg, was dus een enorme opluchting. Het gaf Manon ook de ruimte om op nieuwe manieren te werken aan haar herstel. Inmiddels gaat het beter met Manon, al verloopt het herstel nog grillig en onvoorspelbaar.

“De eerste keer dat ik weer naar de lantaarnpaal tegenover mijn huis kon lopen, voelde als een enorme overwinning. Nu kan ik zelfs weer door het bos lopen. En tegelijkertijd voelt het ook als een heel wankel en soms onvindbaar evenwicht: soms kan ik opeens weer helemaal gevloerd zijn, en is de bank een week lang mijn beste vriend.”

Stiekem denkt Manon wel eens aan weer aan het werk gaan. Ze zou dat eigenlijk best willen proberen, maar is ook bang voor wat dat betekent voor haar uitkering.

“UWV is daar echt heel ondoorzichtig over. Ze zeggen dan: werken is altijd goed. Maar wat het precies betekent, willen ze niet zeggen. En ik ben heel bang om mijn uitkering kwijt te raken. Mijn gezondheid is nog lang niet stabiel genoeg om volledig van een loon te kunnen leven. En ik heb die uitkering echt nodig om mijn kinderen en mezelf te onderhouden.”

Deze onzekerheid over wat de stap naar werk betekent voor haar recht op uitkering houdt Manon tegen om de stap naar werk te zetten.

“Ik snap het ook niet goed. Waarom kunnen ze niet gewoon duidelijk aangeven wat er met mijn uitkering gebeurt als ik zou gaan werken? Hoeveel houd ik dan over, en wanneer heb ik geen recht meer op een uitkering? Dat zou het voor mensen toch veel makkelijker maken om de stap naar werk te zetten?”